Mensen (24 augustus – door Frits)

Reizen is mensen ontmoeten. Elke dag weer spreek je mensen die je nog nooit hebt gezien en iedere keer weer is dat een verrijking. Ik ben blij dat gesprekken steeds makkelijker lopen, mijn Duits gaat erop vooruit deze maanden. Er zitten bijzondere mensen tussen, die indruk maken en met wie je soms contact wilt proberen te houden. Een aantal wil ik op deze manier een soort ereplaatsje geven.

Matthias.
Na een (iets te) ruige tocht lopen we vermoeid de haven van Kühlungsborn binnen. Het is vol daar en de enige plek die we zien is langszij een kotter. Op die kotter is een brede, ruim getatoeëerde en bebaarde man aan het werk. Hij pakt onze lijnen aan, legt uit hoe we aan de wal kunnen komen, verontschuldigt zich voor een natte verfplek (“ein Unfall”). Omdat hij vaak aan het werk is op het schip (van zijn baas, voor sportvissers) en we in Kühlungsborn een paar dagen verwaaid liggen, raken we aan de praat over elkaars levens. Hij woont hier niet, te duur, maar een paar dorpen verderop, met zijn vrouw en zijn zoon. De visserij, ook de sportvisserij heeft het moeilijk vanwege het vieze water. Zo’n schip als wij, dat zou hij ook wel willen. En dan wat varen. Maar dan moet eerst zijn zoon een goede opleiding hebben gehad en op eigen benen kunnen staan. We zijn onder de indruk van deze lieve, zachtaardige man met zijn woeste uiterlijk. 

De Goede Verwachting hier naast Kotter Odin, net opgeschilderd door Matthias


Lara.

Tegen de avond komt in dezelfde haven een bijzonder, gaffelgetuigd scheepje binnen varen. Ik kan het scheepstype niet thuis brengen en er hangt een solo-wimpel in de verstaging. De Prinz Slocum komt bij ons langszij: schipper Lara blijkt met deze replica van Joshua Slocum’s Spray, want dat is het, onderweg naar een “Gaffel-Treffen” in de buurt van Rostock. Een tweede gaffelzeiler legt weer naast aan zodat we opeens een ‘Pakketchen’ van vier schepen zijn. Lara, ze restaureert schepen in Hamburg, heeft een onverwoestbare vrolijkheid om zich heen. Zelfs als we het, met de andere gaffelaar, hebben over de planeet en de politieke toestand in Duitsland en de wereld. Aanleiding is trouwens de vraag: “Was ist doch in den Niederlanden los?” 
De gaffelbuurman kan zich voorstellen dat hij ooit, ooit naar de wapens grijpt. Lara blijft optimistisch. Ook in de appjes die ze nog lang stuurt om ons op de hoogte te houden van de reis van de Prinz Slocum. We zien haar vast ergens een keer terug. 

De Prinz Slocum van Lara

Christoph
We fietsen met de hele bemanning van Wiek naar Kap Arkona, de beroemde noordelijke krijtkaap van Rügen. We rijden op vier huurfietsen en een Brompton door het warme maar prachtige landschap. Onder protest van de jongste opstapper (13) maar met hulp van af en toe een ijsje. We staren regelmatig vanaf een griezelige hoogte naar de golven die onderaan de krijtrotsen uitrollen. 

We zien de kaap al duidelijk voor ons als op een landerig weggetje de Brompton stuiterend protesteert: lekke band! Ik probeer hem te plakken, maar dat lukt niet. Ik vouw de fiets op en wil gaan liften. De anderen fietsen door. Maar waar vind je een auto midden in zo’n natuurgebied? Een enkeltje met een paardenkoets zou misschien kunnen, lees ik op een ‘haltebord’. Dan stopt er een busje met een groene kano erop. Ik stap er op af en leg in mijn beste Duits de situatie uit. Maar Wiek is best ver weg en ik zie de bestuurder aarzelen. Dan begint hij de passagiersstoel leeg te ruimen en legt mijn fiets achter in zijn busje. Zo maak ik kennis met Christoph, een bedachtzame, zachtaardige man die in zijn eentje wat rondreist. Hij werkt na omzwervingen al dertig jaar in een Kindergarten en vindt dat het mooiste werk. Uiteindelijk brengt hij me helemaal naar het schip terug, we bekijken het samen. En al die tijd praten we en vertelt hij op zijn langzame, aandachtige manier. Een filosoof. We zwaaien lang bij het afscheid.